Winkelier naar rechter voor compensatie schade herinrichting Alkmaarse Laat: "Menselijke maat is zoek"

donderdag, 16 april 2026 (20:25) - Streekstadcentraal.nl

In dit artikel:

Winkelier Arno Meijerink strijdt tegen de gemeente Alkmaar nadat zijn schoenenzaak aan de Laat-West anderhalf jaar lang hinder ondervond van wegwerkzaamheden. Volgens Meijerink bleef persoonlijk contact met de gemeente uit terwijl de bereikbaarheid en aantrekkelijkheid van de straat sterk verslechterden. Hij vroeg nadeelcompensatie aan — een regeling voor ondernemers die schade lijdt die het normale ondernemersrisico overstijgt — maar zijn verzoek werd afgewezen, net als bijna alle andere aanvragen voor die straat (van ongeveer tien aanvragen werd er één toegekend).

De gemeente motiveert de afwijzing met een bredere blik op Meijerinks bedrijf: de omzetontwikkeling is volgens de gemeente niet alleen lokaal, maar landelijk of bedrijf breed teruggelopen (ook door corona en online concurrentie). Bovendien hanteert de gemeente een drempel (circa 11 procent); pas boven die grens is sprake van vergoedingsplicht. Rekening houdend met alle vestigingen zou Meijerinks terugval onder die grens blijven.

Advocaat Manon Buiter verzet zich tegen die strikte, cijfermatige benadering. Ze verwijt de gemeente dat zij geen rekening heeft gehouden met de concrete omstandigheden: de lange duur van de werkzaamheden, slechte bereikbaarheid en het wegblijven van winkelend publiek. Ze bestrijdt zowel de gekozen berekeningswijze als de toegepaste drempel en pleit voor meer ruimte voor de menselijke maat.

De impact voor Meijerink reikt verder dan verlies aan omzet: door de stress kreeg hij een hartaanval en een medewerker kampte met een burn-out; de Alkmaarse winkel is inmiddels gesloten. Tijdens de zitting benadrukte de bestuursrechter dat zijn toetsing beperkt is tot de vraag of de gemeente de regels correct heeft toegepast, niet of die regels billijk zijn. De gemeente wilde buiten de rechtszaal niets toevoegen omdat de zaak speelt. De uitspraak van de rechter wordt binnen zes weken verwacht; uiterlijk 24 mei moet duidelijk zijn of Meijerink alsnog in aanmerking komt voor compensatie.