Schrijver Erik Nieuwenhuis kruipt in de levens van passagiers van Amsterdamse tramlijn 1
In dit artikel:
Schrijver Erik Nieuwenhuis, die al dertig jaar met tramlijn 1 door Amsterdam reist, heeft die observaties verwerkt in zijn nieuwe roman Lijn1. Vanaf de beginhalte bij de Hortus volgt de lezer de tramroute — van de Plantage en het toeristische Leidseplein, via de Overtoom naar de flats en Vinex-achtige buitenwijken richting Osdorp — en maakt korte, geconcentreerde portretten van passagiers en personeel.
De verhalen vangen momenten van omslag: een mislukte kunstenaar, een verlaten vrouw, een stoned backpacker, een zwerver, een vrijgelaten crimineel en een meisje dat besluit niet naar school te gaan. Het thema is vaak tragiek, maar Nieuwenhuis ziet die tragedie ook als ingang voor hoop en poëzie; literatuur helpt hem om grip te houden op het leven en geeft tegelijkertijd troost.
Stilistiek en focus sluiten aan bij tradities van Anton Tsjechov en Simon Carmiggelt: kleine, indringende observaties van menselijke tekortkomingen en alledaagse teleurstellingen. Daarnaast wil het boek een oproep zijn om minder op telefoons te staren en meer naar medereizigers te kijken — en zo ruimte te maken voor verbeelding. Lijn1 nodigt uit om letterlijk en figuratief die tramreis te maken en in korte, krachtige schetsen de stad en haar bewoners te leren kennen.