Provincie 'ziet brief Castricum over het hoofd', nu toch zo snel mogelijk gesprek over Spreidingswet
In dit artikel:
De provincie Noord-Holland heeft een uitnodiging van burgemeester Ben Tap van Castricum aan commissaris van de Koning Arthur van Dijk ruim drie maanden over het hoofd gezien. Tap nodigde Van Dijk op 26 mei uit om de problemen rond de uitvoering van de Spreidingswet met eigen ogen te bekijken. De provincie erkent de fout en plant alsnog zo snel mogelijk een gesprek.
Castricum moet volgens de wet 197 opvangplekken realiseren: 157 reguliere plaatsen en veertig voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen. Die plekken zijn er nog niet. Volgens de gemeente maken onder meer beschermd landschap, netcongestie en stikstof het lastig om geschikte locaties te vinden. Het college zegt bovendien dat het al maanden geen inhoudelijke reactie krijgt op zijn uitleg en voorstellen, terwijl Castricum wel wordt aangesproken op de achterstand.
De provincie zegt de genoemde belemmeringen te herkennen. Mogelijke oplossingen worden besproken aan provinciale en regionale regietafels, waaronder regionale afspraken over het verdelen of uitruilen van opvangopgaven. Noord-Holland benadrukt echter dat het Rijk verantwoordelijk is voor het interbestuurlijke toezicht op de voortgang.
Bij het ministerie van Justitie en Veiligheid staat Castricum inmiddels op trede 2 van de interventieladder. De gemeente krijgt een ambtelijk gesprek; daarna wordt bepaald of opschaling naar trede 3 nodig is. Castricum stuurde het ministerie op 20 mei al een uitgebreide brief over onder meer de opvang van Oekraïners, eerdere noodopvang in Akersloot en de genoemde ruimtelijke belemmeringen. Na een dringend verzoek op 1 september zegt het ministerie de brief nu bij het dossier te betrekken en tijdens het gesprek te bespreken. Het Rijk blijft benadrukken dat gemeenten hun wettelijke opvangtaak moeten uitvoeren.
Vandaag Inside: Johan Derksen bezorgd over dalende leesvaardigheid: ‘Ik heb mij daar echt boos om gemaakt!’