Partijen aan het woord: Minder blik en meer groen in het centrum van Alkmaar?
In dit artikel:
In Alkmaar loopt een politiek debat over het vervangen van straatparkeerplaatsen in het centrum door meer groen. Tien lokale en landelijke partijen hebben uiteenlopende voorstellen en zorgen geuit over leefbaarheid, bereikbaarheid en economische gevolgen, vooral in de aanloop naar de verkiezingen en bij plannen zoals de herontwikkeling van de Karperton.
Voorstanders van meer groen en minder auto’s in de binnenstad — onder wie Volt, GroenLinks-PvdA, D66, Partij voor de Dieren en ChristenUnie — benadrukken dat minder straatparkeren ruimte creëert voor bomen, pleinen en speelplaatsen, vermindert hittestress en verbetert waterberging. Volt vergelijkt Alkmaar met hedendaagse Europese steden waar korte afstanden naar parkeergarages normaal zijn. GroenLinks-PvdA en D66 pleiten voor het slimmer concentreren van parkeerplaatsen aan de randen of in garages, zodat straten bewonersvriendelijker en uitnodigender worden. De Partij voor de Dieren legt extra nadruk op veilige fiets- en looproutes en voldoende gehandicaptenparkeerplaatsen.
Tegenstanders en voorzichtige voorstanders die betaalbaarheid en bereikbaarheid willen waarborgen zijn onder meer VVD, CDA, OPA, Senioren Partij Alkmaar, SP, BAS, Forum voor Democratie en Status Quo. VVD en CDA steunen vergroening, maar niet als dat de bereikbaarheid en parkeercapaciteit ondermijnt; zij willen een combinatie van straatparkeren en garages behouden. OPA en BAS vinden straatparkeerplaatsen cruciaal voor bewoners en kortparkende bezoekers en pleiten om bestaande toestanden te handhaven of in goed overleg aan te passen. De Senioren Partij en SP maken zich sterk voor ouderen en mindervaliden: parkeerplaatsen zijn volgens hen essentieel voor zelfstandigheid en mochten alleen verdwijnen als er nabij alternatieven komen, zoals ondergrondse of nabijgelegen parkeervoorzieningen bij nieuwbouw. Forum voor Democratie spreekt zich principieel tegen het wegnemen van parkeermogelijkheden en vreest economische schade.
Concrete punten die terugkomen: de Karperton-locatie wordt genoemd als plek voor een nieuwe parkeergarage; sommige partijen willen garages goedkoper en beter benut, anderen vinden dat straatparkeren moet blijven bestaan of dat alternatieven vooraf geregeld moeten worden. Meerdere partijen streven naar autoluwe of autovrije pleinen (bijvoorbeeld het Hofplein), maar over de uitvoering en timing is verdeeldheid groot.
Kortom, het vraagstuk draait om een klassieke afweging: vergroening en klimaatadaptatie versus bereikbaarheid en economische levendigheid. De partijen verschillen vooral in de mate waarin zij bereid zijn straatparkeren op te offeren en welke compenserende maatregelen (parkeergarages, betaalbare tarieven, gehandicaptenplaatsen, ondergrondse parkeernormen bij nieuwbouw) ze als noodzakelijk beschouwen.