Milieudefensie-baas had jaren grote kritiek op Tata Steel, nu gaat hij er werken: logisch of wrang?
In dit artikel:
Donald Pols, jarenlang het boegbeeld van Milieudefensie dat bedrijven als Shell aanviel over hun CO2-uitstoot, stapt per 1 juni over naar Tata Steel IJmuiden als directeur duurzaamheid en communicatie. De benoeming veroorzaakte verontwaardiging bij zijn oude organisatie — die de overgang “onbegrijpelijk” noemde — en leidde tot felle kritiek van klimaatactivisten die Tata Steel als de grootste CO2‑uitstoter van Nederland bestempelen.
Academici plaatsen de stap in perspectief: historicus Peter van Dam wijst erop dat activisten soms besluiten binnen organisaties te gaan werken om 'meer impact' te hebben; hij noemt historische voorbeelden waarin samenwerking tussen bedrijven en activisten tot verbeteringen leidde, zoals bij Fairtrade in de koffiesector. Politiek filosoof Mathijs van de Sande waarschuwt juist dat de belangen van een bedrijf als Tata Steel — winst en voortbestaan — niet samenvallen met die van de klimaatbeweging, en dat Pols binnen een groot bedrijf minder invloed heeft dan hij als leider van een beweging had.
Kritiek richt zich ook op het risico van greenwashing. Fossielvrij NL noemt Tata Steel “door en door fossiel” en verdenkt het bedrijf van het inzetten van Pols vooral voor imagoverbetering. Onderzoeker Gerard Mertens zegt dat de combinatie van duurzaamheid en pr in één hand extra waakzaamheid vereist: Tata Steel moet aantoonbare, controleerbare doelen stellen en externe verificatie toelaten, anders blijft het bij schone communicatie zonder echte emissiereductie.
De reacties illustreren twee mogelijke leerlijnen: of Pols van binnenuit een transitie versnelt — geholpen door regelgeving en bestaande transitieplannen bij Tata — of dat zijn komst vooral dient als groene dekmantel zonder materiële verandering. Hoeveel ruimte hij krijgt en of Tata werkelijk kiest voor een fundamentele koerswijziging, blijft onzeker; volgens betrokkenen zal de praktijk moeten uitwijzen of het een serieuze stap naar minder uitstoot wordt of een voorbeeld van symboolpolitiek.