Het Panoramagebouw was een pionier die niet bij de tijd bleef
In dit artikel:
Langs de Plantage Middenlaan, schuin tegenover de flamingo’s van Artis, liggen nog alleen de ronde sporen van een pad waar in de late negentiende eeuw een groot Panoramagebouw stond. Het gebouw werd in 1880 opgericht door een groep zakenlieden — onder wie Artis-directeur Westermann — die met de nieuwe paardentram de Plantagebuurt aantrekkelijker wilden maken. Architect Isaac Gosschalk ontwierp het imposante complex, uitgevoerd in geel met rode baksteen en rijk versierd met eikenblad- en wingerdornamenten.
Binnen bood het gebouw meerdere belevingen: een kunstzaal met tentoonstellingen, een diorama met driedimensionale objecten op de voorgrond en vooral de ronde panoramazaal. Bezoekers klommen via een donkere gang en wenteltrap naar een platform waar ze helemaal omringd werden door reusachtige doeken die historische taferelen uitbeeldden. Zes panorama’s werden hier getoond, waaronder Panorama Mesdag (dat nog bewaard is als Nederlands’ enige negentiende-eeuwse panorama). Populaire onderwerpen waren onder meer het Beleg van Haarlem en een “winterpanorama” over de overwintering op Nova Zembla; voor extra realisme werden er zelfs ijsbergen nagebootst en een opgezet ijsbeertje van Artis ingezet.
Aanvankelijk groot succes, maar het Panoramagebouw kon de veranderende smaak van publiek en de opkomst van nieuwe vormen van vermaak niet bijbenen. Panorama’s waren duur om te produceren, lastig om vaak te vernieuwen en verloren terrein aan musea als het Stedelijk en Rijksmuseum en later aan de film. Na jaren van verval en vergeefse pogingen tot herbestemming werd het complex in 1935 gesloopt. Wat resteert is vooral herinnering: een vroeg voorbeeld van grootschalige, immersieve beeldkunst die de overgang markeert naar moderne visuele media.