Dirk Scheringa zag zijn 1.400 schilderijen nooit meer: 'Bang dat ik een hartaanval krijg'
In dit artikel:
Dirk Scheringa en zijn vrouw Baukje keren in de NH-documentaireserie ‘De droom van Dirk – een Dalí in Spanbroek’ terug naar het voormalige Scheringa Museum voor Realisme in Spanbroek. Sinds de gedwongen sluiting in 2009 waren ze niet meer binnen geweest, omdat de herinneringen te pijnlijk waren. Het gebouw, dat inmiddels is gesloopt, bevatte nog zalen, tekstbordjes en boodschappen die bezoekers en medewerkers na de sluiting hadden achtergelaten.
Scheringa’s kunstverzameling begon met één tekening van Carel Willink. Een deel van de winst uit zijn DSB Bank investeerde hij in kunst, voetbalclub AZ en een schaatsploeg. In een voormalige huishoudschool in Spanbroek richtte hij in de jaren negentig een museum op. Onder leiding van de jonge directeur Emily Ansenk groeide de collectie snel uit tot ongeveer 1.400 werken, waaronder een schilderij van Salvador Dalí. Het museum trok jaarlijks circa 50.000 bezoekers.
Scheringa wilde vervolgens naastgelegen Opmeer een veel groter museum bouwen, met ruimte voor 200.000 bezoekers per jaar. Critici vonden die plannen megalomaan, maar Scheringa zag ze als onderdeel van zijn ondernemende visie. Zijn vrouw vond het project eveneens erg groot, al verwachtte ze niet dat ze hem ervan kon weerhouden.
Vlak voor de oplevering van het nieuwe museum viel DSB Bank in 2009 om. Curatoren haalden het museum in Spanbroek leeg, waarna Scheringa zonder afscheid te kunnen nemen van zijn personeel de sleutel moest inleveren. Hij heeft zijn collectie sindsdien niet meer gezien. Een deel werd later verkocht aan Museum MORE in Gorssel, maar ook daarheen gaan vindt hij te emotioneel. De documentaireserie belicht de opbouw en ondergang van het museum, de kunstroof en Scheringa’s juridische strijd tegen de overheid.
Vandaag Inside: Staat Vandaag Inside het werk van strafrechtadvocaat Job Knoester in de weg?