Bart Wallet schreef boek over de Joodse gemeenschap in Amstelveen
In dit artikel:
Amstelveen is al decennialang een opvallende schuilplaats voor Joods leven in Nederland: rustiger en minder zichtbaar dan Amsterdam, maar tegelijk één van de plaatsen waar de gemeenschap juist groeide. Hoogleraar Joodse studies Bart Wallet beschrijft in zijn boek hoe de Joodse bevolking van Amstelveen en het toenmalige Nieuwer-Amstel zich tussen 1930 en 1970 ontwikkelde. In de jaren dertig trok de groeigemeente Joodse gezinnen, vluchtelingen uit Duitsland, Oostenrijk en Tsjechië en mensen uit andere delen van Nederland aan. Tijdens de oorlog kwam een relatief groot deel van de gemeenschap erdoorheen: veel Joden hadden een niet-Joodse partner, waardoor zij minder snel werden weggevoerd, en opvallend veel mensen doken onder. In totaal overleefde ruim 56 procent van de Amstelveense Joden de oorlog, veel meer dan het landelijke gemiddelde.
Na de bevrijding bouwden overlevenden en nieuwkomers het Joodse leven opnieuw op. Amstelveen werd aantrekkelijk voor jonge gezinnen uit Amsterdam en uit kleinere Joodse gemeenschappen buiten de hoofdstad, mede door ruimere en betaalbare woningen. Aanvankelijk was de nieuwe gemeenschap vrij seculier, onder meer omdat er tot 1961 geen synagoge was. Vanaf de jaren zestig groeide het religieuze en culturele leven weer, onder meer dankzij rabbijn Ies Vorst, en ontstond een veelzijdige gemeenschap met meerdere synagogen.
Het boek is onderdeel van een breder Amstelveens erfgoedproject, bedoeld om de Joodse geschiedenis zichtbaarder te maken via onderwijs, een website met getuigenissen en een herdenkingsmonument. Volgens Wallet telt de gemeente tegenwoordig ongeveer 5000 Joden. De gemeenschap is jong, gezinsgericht en sterk verbonden met Amsterdam, maar leeft wel grotendeels in eigen instellingen. Juist die relatieve onopvallendheid en de voorstedelijke ligging maken Amstelveen volgens hem tot een plek waar antisemitische spanningen minder nadrukkelijk aanwezig zijn.
De Oranjezomer: 'Wat mij opvalt is dat de naam van Mark van Bommel niet voor het Nederlands Elftal genoemd is'